Start

© All rights reserved to Marks Kraam

Het beeld van de jaren 50 is in hoge mate truttig en kneuterig. Dat is wel terecht, braafheid te over, maar ook onterecht, de jaren 50 hebben de meest flitsende modellen opgeleverd die zelfs als ze nu op de markt zouden komen nog futuristisch aan zouden doen. Een koploper daarin is de Deen Arne Jacobsen, 1902-1971, geweest. Als er een top tien van stoelen van de 20ste eeuw gemaakt zou worden zouden er volgens mij 4 modellen van Arne Jacobsen in staan, ze hebben allemaal een bijnaam gekregen, de zwaan, het ei, de mier en de vlinderstoel. Jacobsen heeft ze in een tijdsbestek van een paar jaar, 52 -56 ontworpen. Hij was zelf toen ook al in de 50, blijkbaar lang een jonge geest gehad. De zwaan kenmerkt zich door eenvoud, alsof hij een papiertje genomen heeft en een beetje heeft zitten vouwen. De zwaan heeft een mooie aluminium voet, en is in hoogte verstelbaar.

Arne Jacobsen: mier en tong



Op de foto de mier 3100, ontwerp 1953 en de Tong 3102 ontwerp 1955.


Ze staan op een spectrum bank van Martin Visser.






Arne Jacobsen: de zwaan



Mark’s Kraam > Design info > Meubels

Meubels


Inleiding

In de jaren 50 en 60 werd er onderscheid gemaakt tussen eerlijke meubelen en leugenachtige meubelen.

Bij leugenachtige meubelen volgde de vorm de functie niet, er zaten allemaal friemels aan waar van geen mens wist waarom ze er aan zaten.

Het leek als of ze hand gemaakt waren maar in werkelijkheid waren ze machinaal gemaakt, er zaten veel verborgen dingen in, veren, singels noem maar op, het waren ook vaak bakbeesten, een beetje vergelijkbaar met de kaas kasten die je nog in menig huishouden ziet.

Eerlijke meubelen waren meubelen zonder friemels, duidelijk machinaal gemaakt, de vorm volgde de functie, en ze waren rank. Een goed voorbeeld is de womb chair van Aero Saarinen, maar de meubels van Paulin en Jacobsen voldoen ook, net zo als overigens de buismeubelen van de jaren dertig van W.H. Gispen of de wassily stoel van Breuer.

De zwaan is nog steeds in productie en kost nieuw bij de firma Fritz Hansen ongeveer 2500 euro. Tweedehands doen ze zeker 1000 euro. Als ze opnieuw bekleed moeten worden ga dan naar een goed bedrijf, de binnen schaal is van plexiglas waar niet in geniet kan worden, het belangrijkste apparaat van de hedendaagse meubel bekleder.De zwaan heeft 1 kleine handicap, hij zit zeker voor een man niet lekker, nogal opgedirkt zit je er in.

In de tuin staan een paar Kembo stoeltjes te verroesten. Kembo betekent “kom eerst maar bij ons”, wellicht een reactie van W.H.
Gispen op zijn vertrek uit Culemborg, kom eerst maar bij ons in plaats van bij gispen. Kembo is opgericht door Meijer en Gispen, na de oorlog in het weer herstelde Rhenen. Later verhuisd naar Veenendaal, de fabriek bestaat nog, maakt voornamelijk project
meubelen. De tuinstoeltjes zijn ontworpen door gispen, het beeld van de jaren 30 wist hij met de buismeubelen heel goed te grijpen, het beeld van de jaren 50 net niet, dat hebben Jacobsen, Saarinen en het echtpaar Eames gedaan.


Kembo stoeltjes




Pilastro en Tomado wandrek




Na WOII groeide de bevolking explosief. Veel mensen moesten een plekje hebben en die plekjes moesten ook ingericht worden. Dat ging niet meer met duur bewerkt
eiken, maar met nieuwe materialen. Bovendien waren de mensen klein behuisd of vaak nog inwonend. Uit deze nood geboren zijn de aardigste minimalistische dingen voortgekomen, less is more, bijvoorbeeld de metalen wandrekken van Pilastro en Tomado. Ook de HEMA maakte metalen wandrekken, een andere fabriek is
Drenthea, drenthea homesteel. De trent was internationaal, maar de Hollandse
rekjes blinken wel het meest uit in eenvoud en helderheid, kan ook niet anders met Mondriaan en van der Lek als voorvader.
De Tomado rekjes werden gemaakt in Dordrecht, ToMaDo betekent van der Tocht Massaprodukten Dordrecht. Kleuren zijn in eerste instantie primair, later komen er meer mode kleurtjes.

Van der Tocht had zijn inspiratie opgedaan in de USA wellicht bij de draadplastieken van Bertoia. Oorspronkelijk deed hij in Behang haakjes, haakjes voor in het linnen om een schilderijtje aan te hangen. Er waren weinig huizen waar

je de rekjes niet vond.Je hebt ook kleinere rekjes voor de zwarte Beertjes Pockets met de Dick Bruna omslagen, altijd in gebroken wit, geel en rood. De kwaliteit van Pilastro was wat zwaarder, planken wat langer, er is veel meer variatie, lampen, kastjes, laatjes, kortom, Pilastro is veel leuker. Pilastro is ontworpen door Tjerk Reijenga, niet door Coen de Vries zoals vaak gedacht. Planken zijn er in 38, 73, 98 lang en diep 12,5, de pocketplank, 20, 28, en 45. Naast planken zijn er kastjes, planken met lades, rommelrek, lektuurrek, lichtkappen, schrijfbladen en barmeubels.

In 66 ontwierp Tjerk Reijenga ook ligna E, dezelfde kastjes en planken maar nu liggend op alluminium houders. Kleuren worden knallender, daarvoor veel zwart, wit en rood, Rietveld kleuren, nu ook niet primaire kleuren.

Prijzen van pilastro en Tomado liggen ongeveer gelijk, ondanks dat pilastro leuker en veel zeldzamer is.

Dit komt omdat Fransen en Japanners Tomado zoeken, het klinkt ook wel een beetje Frans of Japans. Een Tomado rekje in goede staat kost ongeveer 30 euro, wordt opgekocht door handelaren die het weer naar Frankrijk of Japan verkopen voor het dubbele. Een Pilastro wand, zoals op de foto, kost ongeveer 400 euro, als u het kunt vinden.

In Tomado rekjes moet Tomado in de planken gestanst staan. Voor beide geldt dat planken nooit geverfd mogen zijn, de originele poedercoating moet er op zitten.

Pagina 1  2  3  4