HOME.
mark-plaats
Glas ontwerper Floris Meydam heeft voor Gouda Regina in de jaren 50 vazen en een servies ontworpen. Zijn collega Copier had dit ook al gedaan voor de Duitse fabriek Eschweiler, maar anders dan het aardewerk wat Copier ontworpen heeft is het aardewerk van Meydam totaal niet gedateerd. Hij ontwierp eigenlijk twee serviezen, het stijve rechte Prince en het wat meer rondere Princess, het zijn broertje en zusje. Kleuren Princess zwart, door Regina adepten black Princess genoemd, geel (golden), zandkleur (charming),  grijs (lucky), blauwgroen (greeny), terra (sunny), dus niet de typerende jaren 50 pasteltinten maar meer een boeket 70’er jaren kleuren, hoewel wel degelijk ontworpen in 1954 Princess, en 1958 Prince.
De vormgeving was uitermate strak en consequent doorgevoerd. Het staat in veel musea en heeft veel prijzen gewonnen.
Het glazuur was dof van buiten en glanzend van binnen, ook een trent in die tijd.
Nadeel van het servies is dat het uit Gouda komt. Goudse klei is prima geschikt voor pijpekoppen, pinda stelletjes, vaasjes en gebaksbordjes maar niet voor gebruiksaardewerk. Het is te bros.
Vaak is het servies niet gemerkt waardoor je het nog wel goedkoop kunt vinden. Een bord black Princess kost een tientje, theepot pak en beet 30 euro.
De vaasjes die Meydam en Regina gemaakt hebben zijn waardevol en zeer gezocht. De mooiste vaasjes in de jaren 50 gemaakt in Nederland is de Pinquin serie, dof zwart glazuur gecombineerd met glanzend wit glazuur, weer de tegenstelling hard zacht, en altijd gemerkt. Vaasjes zijn snel 150 tot 250 euro. Je hebt qua vorm twee groepen, vaasjes met strakke vormen, ontworpen door Meydam en vaasjes met organische vormen, ontworpen door Witte van Leeuwen.
Ook erg gezocht is het decor Ruimte, geometrische figuren op een paarszwarte ondergrond. Mijns inziens zeker in vergelijking met Pinquin overschat.
Bij Wim Visser heb ik het al over Regout gehad, maar in het kader van de jaren 50 moet absoluut het pastelgoed van Petrus Regout, de Sphinx genoemd worden. Alles wat uit Gouda en Edam kwam was marginaal in vergelijking tot de enorme productie van de Sphinx. Er was een alliantie aangegaan met allerlei voedingsmiddelen
leveranciers, men kon sparen voor pastelgoed en er ook pastelgoed bij kopen. De kleuren zijn groen, twee soorten geel, roze, twee soorten blauw. Verder is er nog
met wat andere kleuren geëxperimenteerd. Er is nog heel goed aan te komen, voor weinig. Bord drie euro, kopje 5 euro, bolle buik bouillon bekers 6 euro, Marijke heette die serie. Alle series hebben namen, maar weinigen kennen die namen. In elk huis in de eind jaren 50 begin jaren 60 trof je het pastelgoed wel aan. Veel meer dan
nu waren de mensen modebewust. Design is tegenwoordig voor de elite toen voor vrijwel iedereen. Het assortiment is groot, zeker 6 verschillende koffiepotten, heel veel soorten soep bakjes, alleen de borden zijn er maar in 1 soort. Zeldzaam zijn de
desertbordjes, eenslag kleiner dan de ontbijtbordjes en de eierdoppen. Alles behalve de eierdoppen gemerkt met doorgaans een Sphinx in een rondje. Duur zijn de eierdopjes, zeker 10 euro per stuk en bijzondere kop en schotels.
In Noorwegen had je drie aardewerkfabrieken, stavanger flint, porsgrund en figgjo. De laatste besloot eind jaren 50 het assortiment radicaal te veranderen, er werden nieuwe moderne vormen geïntroduceerd. Om het oude trouwe publiek niet te veel af te schrikken werden deze vormen gedecoreerd met folkloristische en florale motieven. Een goed voorbeeld hiervan is het decor Market maar ook het decor Lotte is typerend.
Dus de vorm voor de meer moderne mens en het decor voor de meer traditionele mens. Doorgaans werkt dit niet, het polderlandmodel, van alles een beetje, noch de ene groep noch de andere groep voelt zich aangesproken. Toch was market een groot succes. Dat kwam vooral omdat het decor niet echt traditioneel was maar juist wel goed het tijdsgevoel aanboorde. Ja, het was folklore, maar toch ook wel een beetje hippie en flower power. En terug naar het platteland, moeder aarde. De ontwerpster was de Noorse Turid Gramstad Oliver, die zich ongetwijfeld had laten inspireren door de Deen Bjorn Wiinblad. Wiinblad is wat zwieriger, Oliver wat steviger. De heldere lijn van Oliver is onmiskenbaar. Het decor wordt ook wel Turidesign Market genoemd naar de ontwerper van de decors. Market is ontworpen in 1963 door Turid toen ze 27 was.
Prijzen van Market zijn heel mild, 10 voor een schaal, 5 voor een beker. Het is goed te vinden. Lastig zijn gewone borden, drievaksborden, ook wel fondueborden zijn er te over.
Market is niet echt design, daarvoor is het niet consequent genoeg, maar het geeft wel goed het tijdsgevoel weer. Het is wat men zoekt in een woning, aan de ene kant strak en steriel aan de andere kant knus en warm.

Enige voorbeelden van gouda regina pinquin pinguin, type zwangere vrouw is van Witte van Leeuwen, het strakkere type van Meydam, hoewel li-achter weer niet. Alles gemerkt regina, en de meesten ook met pinquin.

Regina-Pinquin.JPG

Volgens ons het mooiste Figgjo servies: a la carte.

Het zijn gestileerde lekkere eiwitten, oesters, vissen, schelpen, koeien, kippen, eieren, niets voor vegetariers, die moeten maar gaan voor rorstrand picknick. Ontwerper, van het decor is Hermann Bongard, Noor, 1921 - 1998, werkte bij Figgjo van 1957 tot 1963

In navolging van het Arabia servies Kilta, later Teema, ontworpen door Kaj Franck, hadden de borden geen rand. Vergelijk Goedewaagen servies en Fris jubilant die ook die modegril volgden. Het meer behoudende Sphinx heeft hier nooit aan mee gedaan.

Vaasjes van Regina hebben een heel verhaal aan de onderkant. Allereerst een W en een B, initialen van de oprichters, van der Want en Barras.  De fabriek is opgericht in 1898, tegelijk met de troonsbestijging van Wilhelmina, vandaar de naam Regina en het kroontje, overigens boven hun initialen. Vervolgens is er een getal, bijvoorbeeld 1275, het nummer van de vaasmal, en een naam, bijvoorbeeld pinquin, naam van het decor. Verder Gouda, de stad waar het begon.

Pagina

1

2

3

NAAR BOVEN

Pagina

1

2

3

Als u leuke aanvullende informatie heeft over de ontwerper, de fabriek of het ontwerp, mail me dan of schrijf het in het gasten boek, kan ik het verwerken en gaat de kennis niet verloren. Ook andere opmerkingen lezen we graag terug in het gastenboek.
E-mailadres: mark.riemeijer@orange.nl

Ravelli

Sphinx

Floris Meydam/ Gouda Regina

Figgjo Market

Figgjo a la Carte

Het uit Boch freres en Villeroy ontstane Villeroy en Boch, Luxemburg/Belgisch, kwam in 1967 met een spectaculair servies op de markt, Acapulco. Zeker voor dit normaal nogal traditionele bedrijf bijzonder.

Het decor is ontworpen door wederom een mevrouw, de vorm van een servies lijkt een mannenzaak, het decor, de schmink, een vrouwenzaak, Christine Reuter. Ze liet zich inspireren door een reis door Mexico, Acapulco is een stad aan de Mexicaanse westkust. De vormen doen denken aan aztekenvormen, de kleuren, oranje, blauw, geel, waren zeer typerend voor de flower power tijd, if you go to san Francisco, volkswagen kevers met bloemen beplakt, Woodstock, Acapulco sluit er naadloos bij aan.

Ondanks dat het decor zeer typerend is voor een tijd, grens sixties seventies,  heeft Villeroy en Boch toch het decor 40 jaar gebruikt, op verschillende vormen, het strakke hoekige Milano, het wat rondere Roma en het trendy new wave.

Ik houd van tijdtyperend design, het is per definitie baanbrekend geweest, niets in vormgeving is zo saai als tijdloos design. Acapulco heeft dus helemaal mijn zegen.

Wat het gerespecteerde Villeroy en Boch vast niet wist is dat in de jaren 60 Acapulco “slang”, straattaal, was voor goede wiet. Of mevrouw Reuter dat ook niet wist, ik waag het te betwijfelen.

Ze moet toch ergens haar inspiratie vandaan gehaald hebben.

Villeroy en Boch is volgens mij net failliet gegaan, slachtoffer van de kredietcrisis, ook voor deze westerse aardewerkfabriek is uiteindelijk het doek gevallen, 40 jaar na de val van de Nederlands aardewerk industrie, al met al toch nog heel knap.

Villeroy en Boch: Acapulco

Ravelli klinkt Italiaans, maar zijn voornaam, Jaap, verraadt zijn ware afkomst, gewoon Hollands, Leidenaar. Vanaf de jaren 50 maakt hij heel zorgvuldig vormgegeven aardewerk vaak ook met een knipoog, een stijlvol grapje, het is een kernwoord voor het
aardewerk van Ravelli, stijlvol, grappig gedistingeerd gecombineerd met groot vakmanschap. Het maakt het aardewerk erg aantrekkelijk als verzamelobject, gelukkig voor de verzamelaars heeft hij met zijn atelier een enorme productie gemaakt, meer dan 1.000.000, vlijt kan hem ook al niet ontzegd worden. Het aardewerk is doorgaans ongeglazuurd donkerbruin met geglazuurde partijen gebroken wit. Soms heeft het kleur, rood, het zogenaamde ossenrood, sangre de boeuf, paars, oranje, maar doorgaans sober van kleur en gedistingeerd van vorm.
Geliefd en dus gezocht zijn de grappige dieren figuurtjes en de met koper versierde neger maskers.  Ook heeft hij een 15-tal verschillende tegeltjes gemaakt. En daarnaast natuurlijk honderden verschillende vaasjes. Er zijn unica’s. Gezegd wordt dat ravelli niet al te trouw was en hij soms wel eens een unica cadeau gaf. Dus als u van een oud vrouwtje met glinsterende ogen een heel bijzonder figuurtje krijgt.....
Op de foto een kaasplankje met koeienkop, waarde 200, een bierpul van de drie hoefijzers, waarde 40, en een vaasje, waarde 10 euro. De dieren figuurtjes zijn tussen de 125 en 225 euro, mits gaaf.Het werk van Ravelli is altijd gemerkt met Ravelli en een
cijfer.
P1000092.JPG
P1000090.JPG
P1000089.JPG